4de graad, +18 jarigen
4 of 8 lesuren per week, o.l.v. Petra Paesmans
Het atelier “Levend Model’ benadert thematisch de menselijke figuur – in al zijn facetten - aan de hand van verschillende media.
Hoewel we vertrekken vanuit een gemeenschappelijk onderwerp – het model - kan de benadering ervan voor iedereen heel verschillend zijn. Klassikale opdrachten staan naast het volgen van een eigen parcours, naargelang de voorkennis en de individuele noden van elke leerling.
We onderzoeken de anatomie en de verhoudingen van het menselijk lichaam. Een waarheidsgetrouwe weergave van de waarneming is echter geen doel op zich. Het verwerven van inzicht in de weergave van het menselijk lichaam opent de weg naar de vrijheid om te kunnen werken aan een persoonlijk project. Het menselijk lichaam fungeert als inspiratiebron om te komen tot individuele beeldexpressie.
Variatie in materialen, technieken, formaten, dragers, poses, tijdsspannen, ... dwingen telkens opnieuw om anders te kijken naar de menselijke figuur. Het ontwikkelen van een eigen beeldtaal staat hier voorop. Men kan zich zowel verdiepen in de 2-dimensionale als in de 3-dimensionale beeldtaal om tot een eigen verhaal te komen.
In de eerste jaren ligt het accent op het vakmanschap. De waarneming neemt een grote plaats in. We focussen op de anatomie en de verhoudingen van het menselijk lichaam. We staan stil bij compositie, het weergeven van volumes, perspectief, licht en schaduw, kleur,... We oefenen met verschillende materialen en technieken, zowel 2D (potlood, houtskool, krijt, inkten, acrylverf, olieverf, collage, druktechnieken) als 3D (klei, mixed media,…). We oefenen, herhalen en verkennen mogelijkheden.
In de latere jaren ga je op onderzoek, je maakt eigen keuzes en onderbouwt deze. Je zoekt informatie op, je onderzoekt verschillende genres en stijlen en laat je verwonderen. Je gaat uitdagingen aan en verlegt je eigen grenzen.
In de laatste jaren focus je op experiment. Je zoekt je eigen stijl, je eigen verhaal. Je probeert mogelijkheden uit en je integreert je eigen leefwereld. Je werkt naar een eindwerk toe en maakt een portfolio aan. Over de jaren heen ga je via het tonen van je werk in dialoog met anderen.
In de loop van het schooljaar zijn er verschillende atelierspecifieke uitstappen en krijg je maandelijks een theoretische neerslag van de praktijk.